Vrouwen in 't Zwart Leuven - België |
||||||||
![]() |
||||||||
| Femmes en Noir - Frauen im Schwarz - Women in Black - Mujeres de Negro - Donne in Nero - Zene u Crnom | ||||||||
|
onze geschiedenis van begin '80er jaren: ga naar diepere geschiedenis WiB Leuven
In 1994 is Vrouwen in 't Zwart Leuven gestart met een wekelijkse stille wakes in solidariteit met vrouwen in Bosnië, Servië en Kroatië. Wij zijn wekelijks blijven staan tot aan de Dayton akkoorden in 1995. In 1999 bij de tweede oorlog in de Balkan en tot de akkoorden van 6 juni en het einde van de oorlog, stonden we enkele maanden opnieuw voor het stadhuis van Leuven in onze stille wakes. In 2002 was het thema van de Nationale Vrouwendag in Leuven "vrouwen en geweld” en “geweld op vrouwen". Naast het interfamiliaal geweld op vrouwen stond het thema van oorlog en vrede centraal. Er waren drie internationale gasten van Vrouwen in ’t Zwart uitgenodigd, om over de vrouwenvredesbeweging te spreken en om te laten horen hoe vrouwen in oorlogsgebied toch blijven kiezen voor samenwerking. Het was op de herdenkingsviering aan het beeld van de "Onbekende Oorlogsvrouw" dat de Israëlische Edna Zaretsky Toen Sonja Prodanovic van Vrouwen in 't Zwart Belgrado over de onopgeloste probelemen in de Balkan sprak, liet ze gelijkaardige ideeën en gevoelens horen. “Wij moeten dringend leren om te gaan met verschillen, wij moeten leren verschillen te aanvaarden en we moeten blijven praten met elkaar”. De wereld staat in krediet tot vrouwen zoals de drie internationale gasten op de Leuvense Vrouwendag. Het is meer dan hoogtijd dat de wereldleiders, de door henzelf in 2000 en met unanimiteit gestemde resolutie 1325 van de Verenigde Naties uitvoeren. Deze resolutie gaat erover dat vrouwen opgenomen moeten worden in alle besprekingen, alle stappen tot conflict oplossing. Jihan Anastas, de Palestijnse gaste, zei in Leuven op de Vrouwendag "jullie vragen wat jullie kunnen doen, wel laat het niet alleen over aan politici, laat jullie stem horen, overal waar je maar kunt, hoe klein de actie ook is. Toen het leger van Sharon in 2002 Bethlehem binnenviel en wij meer dan 40 dagen verplicht werden om binnen in huis te blijven, terwijl wij door de vensters de tanks zagen staan, toen, ben ik echt alleen maar overeind kunnen blijven omdat ik wist dat overal in de wereld solidariteitsacties voor ons gehouden werden. Ik weet echt niet of ik zonder die solidariteit vandaag hier zou zitten." Tot iedereen die zegt "ach wat haalt het uit", "wij kunnen er toch niets aan veranderen" zeggen deze drie vrouwen van Vrouwen in ’t Zwart uit oorlogsgebieden: "jawel, het maakt wèl wat uit, het helpt druk uitoefenen op onze regering en héél rechtstreeks : het zorgt ervoor dat wij ons verbonden voelen, dat we niet alleen staan. Wij halen er kracht uit om te strijden tegen de waanzin van etnische opdeling, van seksisme en homofobie, van militarisme met zijn oorlogen en oorlogsverklaringen. En die verbondenheid werkt ook stimulerend voor onszelf, geeft ons ook kracht om hier actief voor vrede te blijven ijveren. In deze context herinneren de aanwezigen op 11 november 2002 in Leuven de onvergeetbare woorden van Jihan Anastas; "Bij ons in Bethlehem zeggen we dat iets nooit definitief verloren is zolang er nog één iemand is die ernaar zoekt. En wij zijn met velen die zoeken naar vrede.” |
||||||||
|
||||||||