Vrouwen in 't Zwart Leuven - België

Femmes en Noir - Frauen im Schwarz - Women in Black - Mujeres de Negro - Donne in Nero - Zene u Crnom
english

home

wie zijn we

kerngroep

geschiedenis

internationaal

haar verslag

agenda

foto's

links

contact

ZiZo - door Marc-Antoon De Schryver, foto's Lieve Snellings
Weekend Knack
- door Thijs Demeulemeester, foto Saskia Vanderstichele
Tertio - door Lore Callens
de Morgen - door Catherine Vuylsteke , foto Tim Dirven
de Magneet - door Denis Bouwen en Marianne Van Winkel, foto Lieve Snellings
steps magazine - door Lore Callens, foto Lieve Snellings
het Nieuwsblad - door Lore Callens, foto Johan Van Cutsem
Kif Kif - volgt binnenkort

ZiZo, magazine voor holebi's,nr 80, jan-feb 2007
Lesbisch in Palestina. "Ik wil niet imiteren om aanvaard te worden"

door Marc-Antoon De Schryver
foto's Lieve Snellings

Rauda Morcos is geboren in Israël. Maar ze is Palestijnse. Ze is tgen de muur, tegen de bezetting van Palesijns grondgebied, tegen de discriminatie van minderheden in Israël zelf, maar ook tegen gewelde.

LEES HET HELE ARTIKEL

 

ZiZo - door Marc-Antoon De Schryver, foto's Lieve Snellings
Weekend Knack
- door Thijs Demeulemeester, foto Saskia Vanderstichele
Tertio - door Lore Callens
de Morgen - door Catherine Vuylsteke , foto Tim Dirven
de Magneet - door Denis Bouwen en Marianne Van Winkel, foto Lieve Snellings
steps magazine - door Lore Callens, foto Lieve Snellings
het Nieuwsblad - door Lore Callens, foto Johan Van Cutsem
Kif Kif - volgt binnenkort

Weekend Knack, nr 51, 20-26 december 2006
"Als je ons hoort, weet dat we bestaan!"

door Thijs Demeulemeester
foto: Saskia Vanderstichele

Rauda Morcos is de spilfiguur van Aswat, de allereerste beweging voor Palestijnse lesbische vrouwen. “Aswat is de enige plaats waar onze doodgezwegen minderheid zich als een sterke familie voelt,” zegt de Palestijnse vurig.

“Er zijn zoveel lesbische vrouwen die ons vertellen hoeveel wij voor hen betekenen. Ze lazen iets over Aswat, of hoorden mij op de radio. Door ons voelen ze zich gesteund en begrepen.” Aan het woord is Rauda Morcos (32), de moedige mede-oprichtster van Aswat. “Ik ben lesbisch, Palestijns en vrouw,” zegt ze. “Drie redenen waarom ik gediscrimineerd word in de Israëlische samenleving.”
Rauda groeide op in Kufer Yassis, een dorpje in Noord-Israël. Sinds ze zich in een Israëlische krant outte als lesbo, veranderde haar leven compleet: ze verloor haar job als lerares, en werd bedreigd, vermeden en gekleineerd. “Gedeporteerd”, noemt ze het zelf in haar poëzie. Maar Rauda krijg je niet zomaar klein. In 2003 stond ze aan de wieg van Aswat, de allereerste beweging die de belangen van lesbische Palestijnse vrouwen verdedigt. “Aswat is een veilige plek. Het is onze thuis. Als een hechte familie kunnen we er onze krachten bundelen en elkaar steunen.” Aanvankelijk bleef Aswat –Arabisch voor ‘stemmen’- ondergronds, maar door toedoen van Rauda kreeg de beweging een gezicht. En een stem. “Velen vragen me nochtans uitdrukkelijk om te zwijgen,” zegt ze. “Maar ik blijf roepen dat we bestaan. Palestijnse vrouwen die met hun seksuele identiteit worstelen, moeten toch weten waar ze terecht kunnen?”

 Aswat bestaat intussen drie jaar. Vangen jullie nog steeds zoveel tegenwind?

Rauda Morcos: “Palestijnse lesbiennes worden nog steeds verstoten in Israël. De maatschappij is veel te religieus, mangericht en conservatief. We zijn de meest onderdrukte groep in Israël: een minderheid in een minderheid in een minderheid. Voor lesbiennes is er zelfs nog geen woord in het Arabisch, weet je dat? Officieel bestonden we dus niet, vóór we Aswat oprichtten. We waren onzichtbaar. Nu weten veel mensen dat we bestaan, en dat is geweldig. In Aswat heb ik geleerd om mijn geaardheid niet meer weg te stoppen. Ik ben niet meer bang, al ben ik niet onbreekbaar.”

Waar haalt u de moed om door te doen?

“Op een dag hoorde ik in een supermarkt een radioprogramma. De centrale vraag was: ‘Wat zou je doen mocht je broer zeggen dat hij homo is’. De mensen die belden zegden de grofste dingen over homo’s en lesbo’s. Ik kon het niet meer aanhoren, en heb zelf gebeld. De presentatrice herkende me direct als Rauda van Aswat, maar ik belde gewoon als mens. Ik vertelde over Aswat en aanverwante bewegingen. In dat radioprogramma richtte ik me rechtstreeks naar alle lesbiennes. ‘Als je ons hoort, weet dat we bestaan. Je bent niet alleen,’ zei ik. Later kreeg ik een telefoontje van een meisje. Ze vertelde me dat ze een homoseksuele jongen kende die op het punt had gestaan om zelfmoord te plegen. Maar hij had me die dag op de radio gehoord. En daardoor had hij gebeld naar een gay-hulplijn, waar de mensen hem uitstekend opvingen. Die jongen heeft een thuis gevonden. Zulke verhalen doen me beseffen dat wat Aswat doet de moeite waard is.”

Hebt u met Aswat taboes kunnen doorbreken?

“Zeker. Als dat na drie jaar nog niet gelukt zou zijn, zou ik zelfmoord plegen. Samen met Aswat heb ik Israëli en Palestijnen anders leren denken over lesbo’s en vrouwenrechten. Ik heb daar zeker een grote rol in gespeeld. Ik ben hét aanspreekpunt en gezicht van Aswat. Mensen die mijn begeestering kennen, denken: Rauda is okee, dus lesbiennes zijn okee. Mijn sterkte is dat de drie thema’s van Aswat –lesbiënnes, Palestina en vrouwenrechten- me ook persoonlijk aanbelangen. Werken bij Aswat is eigenlijk geen job, maar een persoonlijke missie: ik wil leven in een samenleving die me tolereert zoals ik ben.”

Hoe goed vordert jouw missie?

“Ach, Aswat bestaat nog maar 3 jaar. En de publieke opinie fundamenteel veranderen gaat traag. Veel te traag naar mijn zin. Ik heb geleerd dat het soms geen zin heeft om te zeggen: ‘ik wil het politieke systeem veranderen, ik wil druk zetten op de regering.’ Soms moet je lokaal beginnen en zo kleine golfjes maken die hopelijk ooit groter worden. En uiteindelijk doordringen tot in de politiek.”

Waarom neemt Aswat ook politiek stelling?

“Aswat gaat over lesbiënnes, over politiek en over gender. Dat hangt samen. Hoe kan je nu opkomen voor de rechten van Palestijnse lesbo’s, zonder dat je politieke uitspraken doet? Ik begrijp niet waarom andere lesbische of feministische organisaties niet reageren als er politiek iets schort in Israël. De situatie van de Palestijnen in Israël is onhoudbaar, en een oplossing belangt ons allemaal aan.”

U stopt met werken voor Aswat in augustus 2008. Zal zonder u als aanspreekpunt de stem van de organisatie niet verstillen?

“Wees gerust, Aswat blijft een veilige thuishaven voor Palestijnse lesbo’s. We blijven bestaan en vechten. Wat globaal gebeurt, verontrust me veel meer: het aantal lesbo’s stijgt, maar het engagement in lesbogroepen gaat zienderogen achteruit. Waar moeten nieuwe lesbische meisjes naartoe, als ze geen aanspreekpunt hebben? Te veel belangenorganisaties verdwijnen door corruptie of een gebrek aan moed. Ik ken zoveel mensen die de Israëlische samenleving positief kunnen beïnvloeden, maar ik hoor ze niet.”

Een reden te meer om Aswat te blijven leiden.

Ik zit er al drie jaar. Tijd om plaats te maken voor nieuwe mensen aan de top. Leiderschap moet in rotatie zijn. Ik weet dat veel sponsors Aswat steunen omdat ik erin zit. Nu wil ik dat andere mensen het gezicht worden van de beweging, om zo nieuwe deuren te openen. En ik ben moe, mijn job en missie vergt zo immens veel van mij. Er zijn maar 24 uur op een dag. Ik ben 32 jaar, een beetje jong voor een burn-out, niet? Aswat mag niet meer het enige zijn wat telt in mijn leven. Al verlaat ik de groep niet definitief, hoor. Ik blijf ze steunen, mijn opvolging voorbereiden, mijn kennis delen en advies geven. Aswat was mijn baby, maar ik moet hem loslaten.

Wat ga je nu doen?

Ik wil verder studeren en mijn studies afwerken. Ik heb ruimte nodig om de dingen te doen die ik écht wil doen: schrijven, mijn dagboeken publiceren, en actief blijven in de lesbische beweging. Misschien moet ik eindelijk eens werk maken van mijn dossier voor de Nobelprijs (lacht). Stel je voor: ik zou de jongste, non-academische, lesbische, Palestijnse vrouw ooit zijn die zoiets wint. Zou dat niet fantastisch zijn?

Het verhaal van Rauda Morcos staat ook in “Van Antwerpen naar Jeruzalem”, het boek van Jenny Vanlerberghe, foto’s Lieve Snellings. www.aswat.com

website weekend knack

ZiZo - door Marc-Antoon De Schryver, foto's Lieve Snellings
Weekend Knack - door Thijs Demeulemeester, foto Saskia Vanderstichele
Tertio - door Lore Callens
de Morgen - door Catherine Vuylsteke , foto Tim Dirven
de Magneet - door Denis Bouwen en Marianne Van Winkel, foto Lieve Snellings
steps magazine - door Lore Callens, foto Lieve Snellings
het Nieuwsblad - door Lore Callens, foto Johan Van Cutsem
Kif Kif - volgt binnenkort

rauda morcosTERTIO, nr 357, 13 december 2006

‘Ik zat bij politieke groepen om mijn gevoelens te ventileren, maar kon niet openlijk over de Palestijnse zaak spreken.’
Palestijnse vredesactiviste Rauda Morcos - Gevecht tegen muur van onverdraagzaamheid

door Lore Callens

De Palestijnse vredesactiviste Rauda Morcos (34) liep in haar leven tegen veel muren op. De muur van de bezetting, maar vooral die van het onbegrip. Al vroeg moest ze vechten om zichzelf te mogen zijn. Tijdens haar bezoek aan ons land getuigde ze over haar leven in bezet gebied.

Rauda Morcos werd geboren in Kafr Yasif, dichtbij Haifa, een Israëlische havenstad. Zelf spreekt ze steevast van ‘Haifa, Palestina’. Dat is haar manier om voor haar rechten op te komen, want Palestijnse vrouwen zijn tweederangsburgers in Israël.

,,Ik ben opgegroeid in een Palestijnse gemeenschap, maar op school mocht het woord Palestina niet eens worden uitgesproken,’’ vertelt ze. ,,In mijn familie waren ze daarentegen veel met politiek bezig. Mijn grootmoeder die naast ons woonde, was een echt archief. Ze vertelde me alles over onze geschiedenis: haar vlucht, haar leven onder de Britse bezetting van voor 1948, de Palestijnse vrouwen die door het Britse leger werden misbruikt, de invasie van de joodse terroristische groepen. Dat waren dingen die ik op school nog nooit had gehoord.’’

Toen ze groter werd, begon Morcos de verboden boeken die ze in huis hadden, te lezen. ,,Ik zat bij politieke groepen om mijn gevoelens te ventileren, maar ik kon niet openlijk over de Palestijnse zaak spreken. Altijd was er die angst dat iemand je zou verklikken bij de geheime diensten,’’ herinnert ze zich. ,,Toen ik naar de universiteit ging, waarschuwden mijn ouders me dat ik me niet meer met politieke verenigingen mocht inlaten. Het was te gevaarlijk. Dat stilzwijgen was al een oorlog voor mij, maar daar kwamen ook nog de intifada en de golfoorlog bij. Het was een vreemde periode. Ik vroeg me af bij welk kamp ik hoorde. Als ik geen echte Israëlische was, waarom moest ik dan een Israëlisch paspoort dragen? En waarom vierde ik feest als Saddam bommen gooide op Israël? Het is zo verwarrend. Het is een identiteitscrisis die iedere Palestijn in Israël meemaakt.’’

Morcos besefte dat op hetzelfde moment ook Palestijnen in de Gazastrook en de Westbank woonden, die werden gebombardeerd en bezet door Israëli’s. ,,In de ogen van de Israëli’s zullen we altijd verraders zijn. Ze zien ons als indringers, een gevaar voor hun land. Tijdens de laatste oorlog tegen Libanon wist ik weer niet wat te doen. Ik begrijp niet dat zo’n dingen kunnen gebeuren in de naam van een religie, of het nu de joodse, de christelijke of de islamitische is. Ik wil niet dat dit mijn strijd is, ik wil conflicten niet oplossen met wapens. Maar als Israël alleen de taal van bommen begrijpt, waarom worden hun acties dan goedgekeurd, terwijl Hezbollah terroristisch wordt genoemd? Beide partijen zijn even schuldig. Beiden hebben fouten gemaakt.’’

Toch worstelde Morcos niet alleen met haar nationale identiteit. Ze was bovenal op zoek naar zichzelf: ,,We leven in een enorm patriarchale maatschappij. Het is niet evident een Palestijn te zijn in Israël, maar het is nog minder gemakkelijk een vrouw te zijn. Ik sloot me daarom aan bij een feministische beweging, die durfde op te komen voor de rechten van de vrouw.’’
Toch bleef Morcos een beetje op haar honger zitten. Het was immers geen politieke beweging, dus ze zou nooit een standpunt innemen tegen de bezetting. ,,In de vredesbeweging kon ik wel een Palestijnse activiste zijn, maar die wilde geen feministische onderwerpen opnemen. Je mengt geen whisky met brandy. Je mag ofwel Palestijn zijn, ofwel vrouw, maar niet allebei. Ik moest altijd weer een deel van mezelf opgeven.’’
Alsof die opeenstapeling van minderheidsposities nog niet voldoende was, voelde Morcos zich almaar meer aangetrokken tot vrouwen. Ze vluchtte weg in sterke en symbolische poëzie waarin ze alles verwerkte: de dramatische actualiteit van het Midden-Oosten en haar leven als Palestijnse lesbische feministe. Ze kwam in contact met vrouwen die dezelfde strijd voerden. Verschillende mensen spraken haar over een forum op het internet voor Palestijnse holebi’s.
,,Het was voor het eerst dat ik zo open kon zijn over wie ik ben en wat ik doe,’’ bekent Morcos. ,,Ik hoorde eindelijk echt ergens bij. Het maakte me bang, want ik wilde mijn activisme bij de vredesbeweging en de feministische groepen niet opgeven, maar tegelijk was het iets waar ik zo lang naar had gezocht. Ik besefte dat niet tot ik het vond.’’

Omdat communiceren via mail niet hetzelfde is als de realiteit, wilde Morcos de vrouwen van het forum in het echt ontmoeten. ,,Ik verhuisde net naar een nieuwe flat met een huisgenoot. We nodigden de vrouwen uit om samen te koken, te bakken en te poetsen.’’ De eerste meeting gebeurde op een vrijdagvoormiddag, want door de bezetting kunnen veel vrouwen ’s avonds moeilijk weg. Acht vrouwen daagden op.
,,We hadden een andere achtergrond, een andere realiteit, een andere kindertijd,’’ herinnert Morcos zich. ,,Maar enkele dingen hadden we gemeen: we spraken Arabisch, we waren holebi en vrouw. Dat was genoeg om ons comfortabel te voelen bij elkaar. Het was de eerste keer in heel mijn leven dat ik me thuis voelde. Alle vrouwen die kwamen opdagen, deelden datzelfde gevoel. We konden eindelijk onszelf zijn.’’
De groep Aswat was geboren. Aswat betekent ‘stemmen’ en het werd de eerste organisatie voor ‘Palestinian Gay Women’. Elke maand komen ze nu samen om over hun gevoelens te spreken, ondanks de muur, de bezetting en de vele checkpoints waar ze voorbij moeten.
,,We begonnen allerlei dingen te organiseren,’’ vertelt Morcos. ,,Ik was de oudste van de groep en voelde me verantwoordelijk. Ik had zolang naar zoiets gezocht en wilde andere vrouwen ook de kans geven ergens bij te horen.’’ Ondanks de samenkomsten durfde Morcos haar gevoelens niet publiek te maken. ,,Ik wilde mijn identiteit niet verbergen, maar tegelijk was ik leerkracht. Ik vreesde voor de consequenties. Het is niet gemakkelijk werk te vinden in Tel Aviv. Homoseksualiteit is een taboe. Als er al iets over werd gezegd, waren het stereotyperingen in de pers of roddels. Er werd niet openlijk over gepraat.’’

Tot ze Morcos op een dag vroegen een tekst en een van haar gedichten voor te dragen op een demonstratie tegen de bezetting en tegen geweld tegen vrouwen. ,,Ik stond er niet bij stil dat het een enorme publieke gebeurtenis zou zijn,’’ bekent Morcos. ,,Het leek me gewoon een leuke kans te vertellen over onze groep. Na mijn presentatie kwam de pers op me af. Ze wilden gedichten publiceren en interviews afnemen. Ik vond het leuk, want voor die demonstratie had ik nooit op een podium gestaan. Ondanks mijn engagement wisten de mensen van de oorlogs- en feministische bewegingen niet echt wie ik was.’’
Een van de grootste kranten van Israël kwam een interview afnemen. Ze vroegen haar enkele gedichten mee te nemen. In die tijd gaf Morcos in de namiddag les aan risicojongeren. Ze stond op het punt weer naar Haifa te verhuizen en daar een extra job te zoeken om haar salaris wat aan te vullen. De huisbaas wist al dat ze zou vertrekken. Alles leek in de plooi te vallen. Tot het artikel eind augustus werd gepubliceerd. Het werd een gigantische outing, met foto en geblokletterde titel. Twee weken later was ze haar werk kwijt.
,,Het was een vreselijke periode,’’ vertelt Morcos geëmotioneerd. ,,De enige oplossing was teruggaan naar mijn ouders. Ik was wel bang voor hun reactie. Je ouders kun je langzaamaan uitleggen waarom je bent wie je bent, maar hoe vertel je dat aan een hele gemeenschap?’’

De gevolgen bleven niet uit. Morcos werd het slachtoffer van allerlei pesterijen en haar wagen, het enige wat haar nog een beetje autonomie gaf, werd dagelijks bekrast en vernield. Zelfs haar garagist, een moslim, vond dat dit te ver ging. Na de derde keer stelde hij voor haar wagen gratis te herstellen. Werk vinden bleek al snel een onmogelijke opdracht. Zelfs ngo’s durfden haar niet aan te nemen en op andere jobs werd ze al snel ontslagen als iemand haar herkende.
,,Ik voelde me een mislukking. Ik was volledig afhankelijk van mijn ouders. Het was zeker niet mijn keuze om me zo te outen. Het was een harde les en ik heb die journalist lang gehaat. Ik vroeg me af waarom uitgerekend ik op vrouwen moest vallen. Toch heeft het artikel me ook geholpen. Vanaf het moment dat het is verschenen, kon ik eindelijk mezelf zijn. Dat maakte het leven ook gemakkelijker. Er waren geen excuses meer.’’
Gelukkig werd Aswat opgenomen in de vrouwenbeweging Kayan, die Morcos een kantoor ter beschikking stelde. Daar deed ze vrijwillig de pr en de communicatie van de vereniging. Langzaam maar zeker haalde ze fondsen binnen om Aswat levensvatbaar te maken. Op een van de congressen waar ze heenging om haar organisatie voor te stellen, ontmoette ze de Belgische Marianne van de Goorberg en Lieve Snellings van de geweldloze verzetsgroep Vrouwen in het Zwart – Women in Black. Die houden stille wakes tegen geweld en oorlog. De vrouwen voelden zich verbonden in hun strijd voor de vrede. De Vrouwen in het Zwart schraapten hun laatste centen bij elkaar om Morcos naar België te halen ter gelegenheid van de Internationale Vrouwendag. Ook bij ons zijn de vooroordelen de wereld nog niet uit, maar Morcos liet wel een stevige indruk na. Door haar lezingen zette ze misschien weer enkele poorten van verdraagzaamheid open.

website Tertio

ZiZo - door Marc-Antoon De Schryver, foto's Lieve Snellings
Weekend Knack - door Thijs Demeulemeester, foto Saskia Vanderstichele
Tertio - door Lore Callens
de Morgen - door Catherine Vuylsteke , foto Tim Dirven
de Magneet - door Denis Bouwen en Marianne Van Winkel, foto Lieve Snellings
steps magazine - door Lore Callens, foto Lieve Snellings
het Nieuwsblad - door Lore Callens, foto Johan Van Cutsem
Kif Kif - volgt binnenkort

De Morgen, vrijdag 10 november 2006, pg 10
Palestijns en lesbisch? Werk kwijt en kapotte ruiten

door Catherine Vuylsteke



Rauda Morcos:
BRUSSEL l Terwijl vandaag in Jeruzalem andermaal een poging wordt ondernomen om een religieus erg gecontesteerde Gay Pride te houden, is de compromisloze Palestijnse feministe en lesbienne Rauda Morcos in de lage landen op bezoek. Toen ze zich drie jaar geleden ongewild outte, brak de hel zowat los.
Rauda Morcos, oprichtster van de eerste Palestijnse organisatie voor lesbiennes, werd een vreemd soort beroemdheid na haar ongewilde outing in de pers.

Door Catherine Vuylsteke

Ze is een vreemd soort beroemdheid, de Palestijnse Israëlische Rauda Morcos (32). Toch sinds ze in 2003 dat interview heeft gegeven aan 's lands grootste krant, Yediot Acharonot ('Het laatste nieuws'). Met haar foto, sigaret in de mond, als paginagrote opening van de weekendbijlage, en met als titel 'Palestijnse, feministische lesbienne'.
Haar seksuele geaardheid kwam nochtans slechts in één paragraaf aan bod. Maar het kwaad was geschied. Of heel Israël per se moest weten met wie ze het deed, wilde haar moeder prompt weten. Erger nog was dat ze meteen haar werk als lerares bij risicojongeren verloor, en dat zelfs de meest progressieve Israëlische feministische organisaties haar bij sollicitaties afwezen.
Eén jaar en drie maanden bij pa en ma intrekken was de enige optie. Want waar moet je zonder centen heen? Maar ook daar was de geoute lesbienne niet welkom. In de winkel weigerde men Rauda te bestellen, het dorpscafé van haar broer raakte tal van klanten kwijt en in restaurants hield men op met eten als ze binnenkwam. En dagelijks, ja dagelijks, werd haar auto gevandaliseerd. "Maar wat me echt kapotmaakte", zegt ze nu, "is dat mijn vriendinnen niet meer met met gezien wilden worden. Ze zouden voor lesbo's versleten kunnen worden."
Rauda Morcos heeft iets opgewekts en ondeugends, en een scherp gevoel voor humor. "In Kafr Yasif, in het noorden van Galilea, waar ik geboren ben, kent iedereen iedereen en is alles duidelijk. Of tenminste, zo lijkt het toch. Je groeit op met een welomschreven idee van wat er van je verwacht wordt."
"Ik wed dat je over mijn seksualiteit wilt praten, over hoe en wat, en wanneer ik het wist." Rauda lacht ontwapenend. "Het klinkt wellicht gek, maar als tiener voelde ik me tot niemand aangetrokken. Ik wist dat na de studies traditioneel het trouwen wachtte en de kinderen, maar dat idee stond me vreselijk tegen. Met mijn moeder heb ik het er vaak over gehad, dat dertig of vijftig jaar van je leven met dezelfde vent slijten me een marteling leek, maar zij deed dat oordeel af als van voorbijgaande aard. Je groeit wel op, meende ze. Vijf jaar met deze en dan de volgende, dat leek me wel wat, maar scheiden was in een anglicaanse gemeenschap als de onze niet meteen een optie.
"Als adolescent had ik vreemd genoeg geen seksuele gevoelens. Pas later werd ik me ervan bewust dat ik toen wellicht op de lerares Engels verliefd was, maar aangezien dat niet tot de mogelijkheden behoorde, drong het ook niet tot me door. Dat betekent niet dat ik geen vriendjes had. Jonge mannen als Jamal bijvoorbeeld, een advocaat met communistische ideeën. Hij verhuisde mee naar Tel Aviv toen ik er ging studeren.
"Die eerste drie maanden daar, toen de zomercursussen aan de universiteit van start gingen, huurde ik een kamer bij twee Arabische meisjes, die me meteen waarschuwden voor de andere huisgenote. Mijd haar, zeiden ze nadrukkelijk, ze is lesbisch. Het was, geloof ik, de tweede keer dat ik dat woord hoorde en het was in mijn hoofd synoniem met 'afstotelijk, ongezond, onaanraakbaar.' Ik herinner me hoe ik er met mijn zus aan de telefoon over praatte en dat ze tot mijn grote ontzetting koel reageerde met 'en dan?'."
"In diezelfde periode had ik een baantje in een restaurant in Tel Aviv, waar een Braziliaanse homoseksuele afwasser mijn allerbeste vriend werd. Hij is het die me aan mijn eerste liefde voorstelde, de flatgenote van zijn vriendje. Gail was een Zuid-Afrikaanse en ze flirtte met me vanaf het ogenblik dat ze me zag. Ik vertelde aan mijn vriend dat ik het wilde proberen, eens zien hoe het gaat met een vrouw. Hij antwoordde dat mensen geen muizen zijn en dat hij niet in experimenten geloofde. Ik moest doen, zei hij, wat ik voelde. Het was een klein zinnetje met grote gevolgen. Ik had immers nog nooit iets 'gevoeld', bij geen enkele mannenmond die ik had gekust.
"Het gebeurde korte tijd later tijdens een wandeling, Gail die zei dat ze me nu moest zoenen. Doe maar, antwoordde ik, en in de seconden die volgden leerde ik wat aantrekking is. Ik was er ondersteboven van en wilde dat het eeuwig zou duren. Mijn vriendje heb ik toen meteen vaarwel gezegd. Eindelijk, zei hij, ik wist het al veel langer dan jij. We zijn nog altijd vrienden, echt.
"Aan mijn zus wilde ik het het eerst vertellen, al was dat ook moeilijk. Ik vreesde dat ze me zou uitlachen, omwille van mijn eerdere reacties. Maar ze was juist ontzettend blij voor me, verheugd dat ik mezelf had gevonden. Die reactie maakte het verschil: ik gaf daarna geen moer meer om wat de rest van de wereld erover zou denken.
"Toen ik 25 was, vertelde ik het aan mijn ouders. Ik wilde zoals iedereen zijn, dingen met ze delen, niet langer geheimen hebben. Hen testen ook: aanvaard je me zoals ik ben of niet? En ik moest af van dat eeuwige gezeur van de gemeenschap over trouwen.
"Met mijn moeder maakte die outing deel uit van de hele discussie over de rol van de vrouw binnen het gezin, en dat ik het niet normaal vond dat vrouwen per definitie moeten schoonmaken of koffiezetten. Ze wist dat ik met geen enkele Arabische man zou kunnen leven en ze zei dat ze mijn seksuele geaardheid al kende. Met haar praten was het moeilijkste, ik wilde immers haar goedkeuring. Met mijn vader en mijn broer lag het anders: het werd hen meegedeeld en ze reageerden er niet op."
"Waar mijn ouders nog het meest van wakker lagen, was van de reactie van de gemeenschap. Dochters worden verondersteld na hun studies terug te keren of minstens te emigreren. Als ongehuwde vrouw alleen wonen in Tel Aviv daarentegen, was geen aanvaardbare optie. Ik trok me daar echter geen barst van aan. Alleen op de school waar ik werkte, hield ik mijn seksualiteit verborgen. Ze vonden me zo ook al een freak.
"In 2000 begon ik in Lud met risicojongeren te werken. Interessant, maar moeilijk. Dat jaar vatte ook de tweede intifada aan na het bezoek van Sharon aan de Tempelberg en ik stelde me almaar dwingender de vraag waar ik thuishoorde. Een Israëlische zou ik nooit worden, ik kon zelfs de gedachte niet meer verdragen dat mijn vriendin Joods was. Wie slaapt er nu met de vijand?
"Het is op dat moment dat mijn zoektocht oprecht is geworden: ik moest holebi's vinden waarmee ik een politieke, maatschappelijke visie kon delen. Een Russische lesbienne heeft me toen geholpen. Ik vond een Palestijns lesbisch koppel en via hen een e-maillijst van gelijkgezinden. Ik heb toen ook uiteindelijk de liefde van mijn leven ontmoet en heb samen met haar en enkele vriendinnen een groep gevormd. Die eerste keer, toen we in januari 2003 samenkwamen, praatten we negen uur aan een stuk. Het was als thuiskomen, grappen die niet uitgelegd hoefden te worden, een collectief geheugen dat niet verklaard moest worden. We schreven geschiedenis en we wisten het: hier wordt Aswat, de eerste Palestijnse feministische lesbische organisatie, boven de doopvont gehouden.
"In mei van dat jaar namen we deel aan een van de grote demonstraties tegen de Israëlische bezetting en tegen het geweld tegen vrouwen. Ik las er gedichten voor, het succes was enorm. Literatuurtijdschriften wilden selecties publiceren en verslaggevers vroegen om interviews. Daar is die ongewilde outing van gekomen. Maar uiteindelijk genereerde dat drama ook een hechtere band met mijn vader en moeder. Ze gingen inzien dat een lesbische dochter geen schande is. Ik ben geen dief, hoer of verslaafde. Maar juist trots op mezelf."

Rauda Morcos, coördinatrice van Aswat, is zaterdag te gast op de Vrouwendag in Antwerpen. www.vrouwendag.be
Ik had nooit iets gevoeld, bij geen enkele mannenmond die ik had gekust

Publicatiedatum : 2006-11-10
Sectie : Algemeen
website De Morgen

ZiZo - door Marc-Antoon De Schryver, foto's Lieve Snellings
Weekend Knack - door Thijs Demeulemeester, foto Saskia Vanderstichele
Tertio - door Lore Callens
de Morgen - door Catherine Vuylsteke , foto Tim Dirven
de Magneet - door Denis Bouwen en Marianne Van Winkel, foto Lieve Snellings
steps magazine - door Lore Callens, foto Lieve Snellings
het Nieuwsblad - door Lore Callens, foto Johan Van Cutsem
Kif Kif - volgt binnenkort

De Magneet, kwartaaltijdschrift Het Roze Huis - Antwerpse Regenboogkoepel, dec 06- jan-feb 07
Coördinator ASWAT maakt rondreis door Lage Landen - Dichteres Rauda Morcos maakt vuist voor Palestijnse lesbiennes

door Denis Bouwen en Marianne Van Winkel
foto's: Lieve Snellings

Een Palestijnse vrouw die haar coming-out doet als lesbienne… Ondenkbaar!? Toch niet: Rauda Morcos, een Palestijnse met de Israëlische nationaliteit is het levende bewijs. Rauda bracht onlangs een opgemerkt bezoek aan ons land. De Magneet sprak met haar op de Vrouwendag in Berchem (Antwerpen).

Rauda Morcos en fotografe Lieve Snellings uit Leuven leerden elkaar kennen op de tweejaarlijkse Internationale Conferentie van Women in Black (WIM of Vrouwen in ’t Zwart), die van 12 tot 16 augustus 2005 plaatsvond in Jeruzalem. Uiteindelijk nodigde Lieve Snellings Rauda uit om in november 2006 een drieweekse rondreis door de Lage Landen te maken, met een acte de présence op de Lesbiennedag van 4 november in Gent en de Vrouwendag van 11 november in Berchem.

Morcos onderhoudt contacten met groepen in landen als Jordanië, Libanon, Egypte en Marokko. Thema’s als holebi-emancipatie, vrouwenrechten en de strijd tegen de bezetting van de Palestijnse gebieden: ze spreken haar stuk voor stuk aan. Eerder dit jaar kreeg Rauda in de VS een onderscheiding van de International Gay and Lesbian Human Rights Commission (IGLHRC).

Rauda leeft in het Israëlische Haifa. Ze is de coördinator van ASWAT, een vereniging van Palestijnse lesbische vrouwen. Opgericht in 2002 wil ASWAT de eerste stappen zetten om als LGBTQI’s - “Lesbian, Gay, Bisexual, Transsexual, Transgender, Queer, Questioning and Intersexual people” - een gemeenschap te vormen binnen een maatschappij die heteroseksueel en conservatief is, ondanks alle moeilijkheden, risico’s en uitdagingen die daaraan verbonden zijn. De groep wordt onder meer gesteund door de vrouwenorganisatie Mama Cash uit Amsterdam.

ASWAT betekent “stemmen” en heeft als belangrijkste bouwsteen een internetforum, waar “Palgaywomen” voor het eerst een veilige plek vonden om elkaar virtueel te ontmoeten. De politieke situatie in Palestina en Israël verhindert vaak dat vrouwen elkaar in het echt kunnen ontmoeten: je hebt de Palestijnse gemeenschap in Israël en er zijn de Palestijnse bezette gebieden. Bewegingsvrijheid is een term waar vrouwen, gekneld in dit politieke conflict, enkel van kunnen dromen. ASWAT organiseert ook allerlei meetings.

Geen Israëlische

Door te studeren en werken in Israël werd Rauda er zich van bewust dat ze als Palestijnse nergens thuishoorde. “Een Israëlische zou ik nooit worden, ik kon zelfs de gedachte niet meer verdragen dat mijn vriendin joods was. Op dat moment begon mijn zoektocht pas echt: ik moest holebi’s vinden met wie ik een politieke, maatschappelijke visie kon delen. Ik vond een Palestijns lesbisch stel, via hen een aantal gelijkgezinden én uiteindelijk ook de liefde van mijn leven. Toen wij op onze eerste meeting in januari 2003 samenkwamen, praatten we negen uur aan een stuk. Het was alsof we thuis kwamen, er was een collectief geheugen dat niet verklaard hoefde te worden.”
Rauda Morcos:
“Om een maatschappij te veranderen, moet je samenwerken.”

Nadien ging het erg snel: toen Rauda op een demonstratie tegen de Israëlische bezetting en tegen geweld tegen vrouwen in mei 2003 haar gedicht “Wrap yourself with a black veil” voorlas, oogstte ze enorm veel succes. Haar gedichten werden gepubliceerd en ze werd uitgenodigd op talloze interviews.

Ongeplande coming-out
Rauda’s grote maar totaal niet geplande coming-out gebeurde via Yediot Acharonot, een belangrijk Israëlisch dagblad dat besloot drie kleine woordjes uit een zeer uitgebreid en overigens nog steeds prima bevonden interview boven een foto van haar te kopletteren: “Palestijnse, feministische lesbienne”. De gebeurtenis had een heleboel consequenties; de kunst bestond erin niet ten onder te gaan aan de negatieve: het schandaal dat rond Rauda’s persoon ontstond, zowel publiek als privé, de agressie tegenover haar en haar familie, de angst om door homo- en lesbiennehaters te worden vermoord. Rauda had helemaal geen zin om de rest van haar leven gedeprimeerd te blijven nu ze onverwacht een Bekende Lesbienne was geworden.

Gelukkig waren er ook positieve gevolgen. “The article served me well in many ways”, grinnikt Rauda. “Zoals je ziet, leef ik nog steeds”, vertelt Rauda. “ASWAT ontwikkelt zich voort als organisatie, wereldwijd zijn er mensen die ons en onze doelstellingen steunen.”

Rauda is afkomstig uit een dorp in het noorden van Israël. Daar wordt ze tegenwoordig al veel minder nagestaard dan voordien. Rauda’s familie blijkt volwassen om te gaan met haar lesbisch-zijn.

In het Westen hebben we het idee dat holebi’s in een Arabische context veel risico lopen om te worden vermoord zodra hun seksuele geaardheid algemeen bekend raakt. “Over de Arabische wereld hoor je meestal alleen maar slechte dingen”, verzucht Rauda. “Neem nu het fenomeen van de eremoorden: die komen niet alleen in Arabische landen voor, maar net zo goed in andere delen van de wereld. Ik heb mijn coming-out overleefd, en ben nu al een jaar of vier bezig met ASWAT. Onze groep krijgt overigens nogal wat aandacht van Palestijnse en Arabische media. En ze vragen niet alleen naar onze mening over holebi-kwesties.”

Ook met mannen
Voor ASWAT is het vanzelfsprekend dat er ook met mannen wordt samengewerkt. Uiteindelijk wordt gestreefd naar integratie in alle lagen van de samenleving, dus moet er ook met al die lagen worden samengewerkt. Naast specifieke belangen voor elke deelgroep, zijn er ook veel gemeenschappelijke belangen, zoals een Palestijnse politieke identiteit. Maar… “it only takes óne second and the man is leading the group”, zegt ze met veel overtuiging en een knipoog in ons groepje van vier vrouwen en welgeteld één man.

Het is bekend dat sommige Palestijnse homo’s de benen nemen naar Israël, in de hoop daar een beter leven te kunnen uitbouwen. “Als zo’n homo wil emigreren, heeft hij geen andere keus dan naar Israël te trekken”, merkt Rauda op. “Palestijnen krijgen in Israël echter geen asiel. Palestijnse homoseksuele vluchtelingen in Israël moeten dus een clandestien leven leiden. In een aantal gevallen komen ze in de prostitutie terecht. De Israëlische autoriteiten trachten sommige van deze mannen voor hun karretje te spannen en sturen ze terug naar de Palestijnse gebieden, om daar voor hen te werken. Wanneer die ‘collaborateurs’ worden ontmaskerd, worden ze vaak gedood. De media berichten dan dat er in Palestina homo’s worden vermoord, maar geven niet de juiste achtergrond.”

Sommige Palestijnse homo’s willen graag lid worden van ASWAT, maar de groep moedigt hen liever aan een eigen vereniging te creëren en dan samen te werken. De mannengroep, in Haifa, is ondertussen een feit. Die is nu lid van het ‘Jerusalem Open House’. Lesbiennes en homo’s komen soms samen op party’s. “Om een maatschappij te veranderen, moet je samenwerken”, vindt Rauda. “Maar er zijn net zo goed veilige plekjes nodig voor iedere subgroep.”

Rauda verliest het belang van een eigen plek voor Palgaywomen niet uit het oog, net zoals er voor andere minderheidsgroepen als bijvoorbeeld vrouwelijke transseksuelen ook een apart internetforum moet komen.

Nut van internet
ASWAT staat open voor Palestijnse vrouwen uit Israël, uit de Westelijke Jordaanoever en uit de Gazastrook. Internet blijkt een handig hulpmiddel om een aantal vrouwen met elkaar in contact te brengen. Maar niet iedereen kent of heeft internet. Maandelijks zijn er bijeenkomsten op diverse plaatsen in Israël. Verder opereert ASWAT via vrouwenverenigingen op de ‘Westbank’.

De groep wordt gerund door drie vrouwen, die er elk een parttimefunctie hebben. Een Franse vrijwilligster richt zich vooral op de website. Meestal wordt vergaderd met een stuk of vijf personen, maar de vergaderingen staan open voor alle leden en vrouwen kunnen er ad hoc aan deelnemen. ASWAT heeft zo’n 22 actieve leden: elke vrouw draagt op haar manier een steentje bij door actief engagement. Verder zijn er wereldwijd meer dan 80 Palestijnse vrouwen actief op het virtuele forum en via de mailing list.

De eerstkomende meeting is gepland in januari 2007. Op het programma staat de Amerikaanse film ‘I exist’, die emigrerende Arabische homoseksuelen en lesbiennes in beeld brengt. Deze film zou stof tot discussie moeten bieden voor een workshop: op welke manier kunnen Arabische homo’s en lesbiennes een plaats vinden binnen hun gemeenschap zonder te moeten emigreren? Hoe kan er verder gewerkt worden aan sensibilisatie en aanvaarding van holebi’s binnen de Arabische maatschappij?

Of het bezoek aan België bevallen is? Best wel, zo blijkt. “België lijkt me een prettige plek om te wonen. De mensen zijn hier erg beleefd.”

Rauda en Lieve zien er vermoeid uit: de voorbije weken waren erg druk en er staat nog heel wat op het programma: een optreden bij FC Poppesnor, een bezoek aan Amsterdam en Nijmegen (Villa Lila), een party in Leuven.

Er werd overigens een cd uitgebracht met op toon gezette gedichten van Rauda Morcos. Chris Mazarese verzorgt de zang, Veerle Pollet speelt piano en gitaar. Live werd dit muzische gedeelte verwerkt in een politiek-cultureel optreden, dat geprogrammeerd stond op de Lesbiennedag in Gent en de Vrouwendag in Berchem. Wie geïnteresseerd is maar de optredens gemist heeft, kan ASWAT steunen door de cd ‘Stemmen/Aswat/Voices’ te kopen. De netto-opbrengst gaat volledig naar ASWAT.

Meer info over de cd: lieve. Snellings@pandora.be of http://snellings.telenet.be/womeninblackleuven
Meer over ASWAT: www.aswatgroup.org

Wrap yourself with a black veil

Wrap yourself with a blck veil
Transform me into your blind follover
Cut off the arteries of my hands

Suicide me

Take off your clothes, for I am nothing but blind for you
Rape me, suck me into your starving flesh

Consume me,
Masticate me
between your broken bones
Spit me out, empty sanctuary to your womb,
An adopted embryo
inside you,
Swimming between your breasts
Whenever you please, violate me with gentleness,
Press your tongue

More into my ears,
more... and more
The sacred beating of my cravings grows
Expell me screaming

Consume me,

Press more and more
your stich into my flesh

So I shall not die,
Allow me to be
To die... please

And give birth to me
An adopted dead embryo
Wrapped
in a red veil

R. Morcos, 2002

Ik ben vrouw
Ik ben lesbisch
Ik ben feministe
Ik ben tegen bezetting
Ik ben tegen de Muur
Ik ben voor geweldloos verzet

R. Morcos

Rauda Morcos, coördinator van ASWAT: “
Onze groep krijgt nogal wat aandacht van Palestijnse en Arabische media.”

Vrouwen in ‘t Zwart is een wereldwijd netwerk van vrouwen, ontstaan tijdens de eerste Palestijnse intifada in Israël in 1988, dat zich inzet voor een rechtvaardige vrede, voor de opheffing van de bezetting en tegen oorlog, militarisme, discriminatie, homofobie, racisme, onrechtvaardigheid en alle vormen van geweld. Het is geen starre organisatie maar een internationaal vrouwennetwerk met een zeer speciale formule van geweldloos actie voeren. WIM organiseert wereldwijd op geregelde tijdstippen stille wakes. Stilte kan namelijk véél luider en krachtiger klinken dan zoveel woorden die niet gehoord worden. Alle activisten kleden zich in zwarte kleren als teken van rouw voor alle slachtoffers van geweld, discriminatie, destructie van mens en natuur. Tijdens deze feministische acties wordt het traditioneel passieve rouwen voor de oorlogsdoden uitgebreid tot een krachtig verzet tegen de botte logica van oorlog en geweld.
Meer info : http://snellings.telenet.be/womeninblackleuven


website De Magneet

ZiZo - door Marc-Antoon De Schryver, foto's Lieve Snellings
Weekend Knack - door Thijs Demeulemeester, foto Saskia Vanderstichele
Tertio - door Lore Callens
de Morgen - door Catherine Vuylsteke , foto Tim Dirven
de Magneet - door Denis Bouwen en Marianne Van Winkel, foto Lieve Snellings
steps magazine - door Lore Callens, foto Lieve Snellings
het Nieuwsblad - door Lore Callens, foto Johan Van Cutsem
Kif Kif - volgt binnenkort

Steps Magazine Oost Brabant, 6 november 2006 t/m 17 november 2006
Lesbische Palestijnse getuigt

door Lore Callens
foto: Lieve Snellings

Feministe zijn in een patriarchale maatschappij is niet evident. Als je dan ook nog eens lesbisch bent, wordt je mond al helemaal gesnoerd. Rauda Morcos, een Palestijnse vrouw die een organisatie oprichtte voor ‘Palestinian Gay Women’, loopt niet enkel tegen de muur van de bezetting op, maar ook nog eens tegen een muur van vooroordelen. Ze komt op 8 november haar verhaal doen in het Leuvense Oratoriënhof.

Rauda Morcos (34) is afkomstig uit een dorp dichtbij Haifa, een Israëlische havenstad die onlangs weer onder vuur lag. Zelfs spreekt ze steevast van ‘Haifa, Palestina’. Dat is haar manier om voor haar rechten op te komen, want Palestijnse vrouwen zijn tweederangsburgers in Israël. Leuvense fotografe Lieve Snellings en Marianne van de Goorberg van de geweldloze verzetsgroep Vrouwen in het Zwart (Women in Black), die stille wakes houdt tegen geweld en oorlog, liepen Rauda tegen het lijf tijdens een internationale conferentie van WIB in Jeruzalem. “Rauda kwam vroeger nooit op de voorgrond”, zegt Lieve Snellings. “Ze voelde zich anders dan de anderen, en leefde wat teruggetrokken om zich te beschermen tegen de buitenwereld. Intussen schreef ze heel sterke poëzie waarin ze ook de dramatische actualiteit van het Midden- Oosten en haar leven als Palestijnse lesbische feministe verwerkt.” Drie jaar geleden werd ze geïnterviewd naar aanleiding van een poëzievoordracht. Tussen de vragen door vroeg de journalist haar of ze lesbisch was. Ze besloot niet te liegen. De dag erop stond de kop in vette letters op de eerste pagina: ‘Palestijnse lesbische in Haifa’. De gevolgen bleven niet uit. Rauda Morcos raakte haar job kwijt en de banden van haar auto werden dagelijks plat gestoken. “Zelfs haar garagist, een moslim overigens, vond dat dit te ver ging. Na de derde keer stelde hij voor om haar wagen gratis te herstellen”, zegt Lieve Snellings. Langzaamaan werd ze sterker. Ze werd een van de drijvende krachten achter de Palestijnse lesbische groep Aswat. Een twintigtal lesbiennes uit Israël en uit het Palestijnse bezette gebied, komen nu regelmatig samen. “Het is voor hen zo evident dat ze tegen de muur en de bezetting zijn, dat dat niet echt deel uitmaakt van hun vergaderingen. Ze spreken meer over wie ze zijn en hoe ze zich voelen”, vertelt de fotografe. “Maar toch speelt de bezetting een rol in hun samenkomsten. Het is moeilijk om elkaar te zien zonder argwaan te wekken. ’s Avonds kunnen ze al helemaal niet weg, en de vrouwen van de Westbank moeten voorbij heel wat checkpoints voor ze ter plaatse zijn.” De Vrouwen in het Zwart nodigden Rauda Morcos uit om te komen spreken in België over de situatie in haar land, en over hoe ze in haar vrijheid beknot wordt door wie ze is en waar ze voor staat. Die tocht brengt haar op de 20e Lesbiennedag in de Vooruit in Gent op 4 november en op de Nationale Vrouwendag in Berchem op 11 november, maar ze zal ook te zien zijn in het Oratoriënhof in Leuven op 8 november. De Vrouwen in het Zwart organiseren dan een politiek-cultureel café vanaf 20 u. Eerst zingt Chris Mazarese op toon gezette gedichten van Rauda Morcos, live begeleid door pianiste Veerle Pollet. De opbrengst van de cd van deze samenwerking gaat integraal naar Aswat. Later op de avond volgt een politiek luik, waarin Rauda Morcos haar werk en engagement toelicht. Kaarten via marianne.vandegoorberg@pandora.be of 0473 95 31 37
Meer info op http://snellings.telenet.be/womeninblackleuven/

ZiZo - door Marc-Antoon De Schryver, foto's Lieve Snellings
Weekend Knack - door Thijs Demeulemeester, foto Saskia Vanderstichele
Tertio - door Lore Callens
de Morgen - door Catherine Vuylsteke , foto Tim Dirven
de Magneet - door Denis Bouwen en Marianne Van Winkel, foto Lieve Snellings
steps magazine - door Lore Callens, foto Lieve Snellings
het Nieuwsblad - door Lore Callens, foto Johan Van Cutsem
Kif Kif - volgt binnenkort

rauda morcosHet Nieuwsblad Regio Leuven-Hageland Zaterdag 4 en zondag 5 november 2006
Lesbische uit Palestina doet haar verhaal
door Lore Callens
foto: Johan Van Cutsem

Lieve Snellings en Marianne van de Goorberg van de geweldloze verzetsgroep Vrouwen in het Zwart (Women
in Black, WIB) liepen Rauda tegen het lijf tijdens een internationale conferentie van WIB in Jeruzalem. Het klikte meteen, omdat de vrouwen met dezelfde thema’s bezig waren. De Vrouwen in het Zwart schraapten dan ook de laatste restjes van hun fundraising bij elkaar om de Palestijnse activiste naar België te halen.

,,Ik ben altijd heel geëngageerd geweest in anti-oorlogsgroepen en feministische verenigingen, maar toch leek het alsof ik nergens bij hoorde. Ik kon altijd maar een stukje van mezelf laten zien’’, zegt Rauda. ,,Tot ik een forum ontdekte op internet waar lesbische vrouwen uit Israël, de Westbank en de Gazastrook praatten over hun leven, hun gevoelens en de discriminatie die ze meemaakten. We ontmoetten elkaar in levende lijve, ondanks
de moeilijke omstandigheden van de bezetting, en voor het eerst voelden we ons echt thuis.’’

Uit de samenkomsten ontstond de groep Aswat voor lesbische Palestijnse vrouwen. Zij proberen een stem te geven aan hun leden, door steun te verlenen aan lesbische vrouwen uit het Midden-Oosten. Ze zorgen ook voor lezingen, workshops, discussiefora en flyers. Niet evident voor personen die absoluut niet uit de kast mogen komen in hun eigen omgeving.

,,Ik schrijf zelf gedichten over de actualiteit van mijn land en over mijn leven als Palestijnse lesbische feministe. Op een dag werd ik daarover geïnterviewd door een journalist, en die heeft me geout in een van de grootste kranten van Israël. Twee weken later was ik mijn job kwijt en was ik het slachtoffer van allerlei pesterijen. Ik heb die krant lang vervloekt, maar uiteindelijk kan ik nu tenminste eindelijk mezelf zijn’’, besluit ze.

• Op 8 november is Rauda Morcos
te zien in het Oratoriënhof.
Kaarten via 0473-95.31.37.

ZiZo - door Marc-Antoon De Schryver, foto's Lieve Snellings
Weekend Knack - door Thijs Demeulemeester, foto Saskia Vanderstichele
Tertio - door Lore Callens
de Morgen - door Catherine Vuylsteke , foto Tim Dirven
de Magneet - door Denis Bouwen en Marianne Van Winkel, foto Lieve Snellings
steps magazine - door Lore Callens, foto Lieve Snellings
het Nieuwsblad - door Lore Callens, foto Johan Van Cutsem
Kif Kif - volgt binnenkort

terug naar toer Rauda Morcos & ASWAT

terug naar fotoverslag toer Rauda Morcos

terug naar home

 
top    
     
webdesign & foto's: Lieve Snellings last updated:12 mei 2007
© 2005 Vrouwen in 't Zwart Leuven