Vrouwen in 't Zwart Leuven - België

Femmes en Noir - Frauen im Schwarz - Women in Black - Mujeres de Negro - Donne in Nero - Zene u Crnom
english

home

wie zijn we

kerngroep

geschiedenis

internationaal

haar verslag

agenda

foto's

links

contact

Vrouwenkonvooi VAK naar Tuzla (Bosnië)

tekst en foto's : Lieve Snellings, November 1994

Van 26 oktober tot 8 november 1994 heb ik, vanuit het V.A.K. (Vrouwen Aktie Kollektief) deelgenomen aan een vrouwenkonvooi voor Tuzla. Op vraag van de vrouwen uit Tuzla brachten we hen hygiënische producten, detergenten, schoonmaakmiddelen, panty’s, schoonheids producten, make-up…

We vertrokken vanuit België met een truck, bestuurd door Moniek en Bert, en een personenwagen met vier vrouwen : Jenny, Dimphna, Aldegonde en ik.

Tuzla een multiculturele, multi-etnische stad

Meer en meer dringt het tot mij door hoe multicultureel en multi-etnisch samenleven eigen is aan de mensen in Tuzla. Ik heb dat verschillende keren kunnen vaststellen. Ik wil hier dan ook enkele voorbeelden aanhalen om dit te illustreren:

  • Zolang de oorlog duurt is er geen geld om de mensen een loon te betalen. Voor hun werk krijgen ze enkel wat eten. Twee dokters vertelden dat er een aantal collega’s vertrokken zijn en er nu een tekort aan artsen is. MAAR je kan iemand die besluit te vertrekken in feite weinig verwijten of kwalijk nemen, zeiden beiden tegen mij.
  • Bij de leerkrachten eenzelfde verhaal : ook is er een tekort aan leerkrachten Engels want Unprofor geeft hoge lonen voor vertalers/tolken. Als buitenstaanster denk je dan : “verdorie, Unprofor brengt daardoor heel hun systeem naar de knoppen”. MAAR, je mag het niemand kwalijk nemen die voor een goedbetaalde job kiest… Je kan en mag niet de rekening van een ander maken…
  • Aicha is een jonge vrouw van rond de 30 die in het leger is en aan het front meevecht. Ze toont me foto’s van 3 jonge mannen. Het zijn haar broers die in het begin van de oorlog zijn vermoord door de Chetniks. Mirsada, die zelf gehuwd is met een Serviër, zet daarop tegen mij “”je kan niet verwachten dat Aicha, na wat er met haar familie gebeurd is, de Serven nog graag kan zien”. Daarop begint Aicha met haar vinger te bewegen en zegt : “neen, zo mag je dat niet zeggen, dat is niet waar, ik heb niets tegen de Serven, ik haat de Chetniks, dat is iets anders, ik heb heel goede vrienden onder de Serven”. Ik HOOP dat ik ook zo zou kunnen reageren, maar weet echt niet of ik dan dat onderscheid nog zou kunnen maken. Het pakt me echt, zo een grote openheid, elk haartje op mijn lijf staat rechtop…
    top

Maar de oorlog vreet het leven in die multiculturele stad aan

Ondanks die levenskracht voel je hoe die oorlog mensen kapot maakt. Leven en dood is hier constant, in alles aanwezig.

  • Water is er slechts 3 à 4 uur per dag. Maar wil je de rest van de dag kunnen wassen, eten, koken, drinken, schoonmaken, de was doen, de WC doortrekken… dan moet je wel thuis zijn wanneer je even water hebt om alle flessen en bakken te vullen
  • Elektriciteit is er om de andere dag. Ook dit zorgt voor héél veel complicaties. Rond 18.00 uur wordt het snel donker, je moet dus altijd een zaklamp mee hebben als je buitenhuis bent. En in huis overal kaarsen in handbereik. Dina en Emina, twee 17-jarige meisjes, zeiden hierover : “… en je hebt geen privacy meer want geen elektriciteit hebben, wil ook zeggen dat het dan heel stil is in huis. In de appartementsblok speelt dan nergens radio of TV. Alles wat je zegt hoort iedereen, ook in de badkamer… De badkamer is dan zelfs de meest gehorige plaats in huis…”.
  • In Tuzla zijn er heel wat appartementsblokken. Kan je je inbeelden dat je op de 5 de, de 9 de of zelfs de 15 de verdieping woont en dat zonder lift. “We hebben zeer goede beenspieren” zeggen de vrouwen.
  • Zo vertelde Suada, de dokter uit de familie waar ik logeerde, “…we zijn heel gelukkige mensen : we zijn gelukkig wanneer we water hebben, we zijn gelukkig wanneer we elektriciteit hebben, we zijn gelukkig als de granaat niet op ons huis valt, we zijn gelukkig als we eten hebben, we zijn gelukkig als niemand gewond geraakt…, je ziet… we zijn altijd maar gelukkig”. Het is hard dit op te schrijven, aan haar te denken en te weten hoe zij afziet. Het gaat echter helemaal niet goed met haar. Suada werkt als dokter in het “hospital for fysical medicine and rehabilitation”, een revalidatie centrum in een barak. Daarnaast werkt ze mee aan een opvangcentrum voor vrouwen die oorlogsslachtoffer zijn. Voor geen van beide jobs ontvangt ze enig loon. Daarnaast zorgt ze voorhaar gezin, ze heeft een dochter en een zoon. Ze maakt zich grote zorgen over hun toekomst. Vroeger, zei ze, hadden we een goed systeem van gezondheidszorg, van onderwijs, we konden reizen… maar nu, nu hebben we niets meer.
  • Emina vertelt dat ze tijdens de bombardementen gedurende weken in de badkamer geslapen hebben, zij in de badkuip en haar ouders op de grond ernaast.
  • Verbindingen met de wereld buiten Tuzla is al heel de oorlog bijna onmogelijk. Gelukkig is de telefoon in Tuzla altijd blijven werken zodat mensen steeds met elkaar in contact bleven.
    top

Stadsbeelden uit Tuzla

Overal op straat zie je verkooptafeltjes en –standjes waar de mensen hun huisraad verkopen om te overleven. Vorige winter, de koudste winter uit de geschiedenis, werd de stad zwaar aangevallen. Ruilen en verkopen van eigen spullen was toen echt een overlevingsstrategie. In België ben ik gek op rommelmarkten. Maar in Tuzla was er niet die gezellige geur van rommel. Het is gewoon een bittere en pijnlijke noodzaak om te overleven…

Verschillende grasperken tussen de appartementsgebouwen zijn omgetoverd tot moestuintjes, waar de mensen zelf hun groenten kweken.

Op het ogenblik dat we er waren, was de oorlogsvoering in de stad op een laag niveau. Dat wil zeggen, de twee nachten dat ik er was werd er geschoten (de tweede zelfs veel). Overdag viel er de laatste maanden af en toe een granaat. Zo was er twee weken eerder een granaat in het gymnasium gevallen. Gelukkig waren de lessen bezig en zat iedereen in een klaslokaal. Een half uur vroeger of later zouden er tientallen doden en gewonden gevallen zijn. Daarom spreekt men in Tuzla van “it’s your destiny”. Het is pas vanaf de tweede granaat dat je beschutting kan zoeken. Het is je lot of je al dan niet door de eerste geraakt werd.
top

Hulpverlening ja… maar niet ten koste van onze waardigheid

Vaak zeggen de vrouwen “we zijn gewoon om voor onszelf te zorgen, het is niet leuk om afhankelijk te zijn van hulp…”. Het is alsof het een stuk hun waardigheid aantast. Als we de mensen hun waardigheid ontnemen, wat heeft hulpverlening dan nog voor zin, hetzij onszelf even de machtige te voelen ?

Toen wij met ons konvooi Bosnië binnenreden zag ik hoe ze enkele trucks voor ons blikjes bier en chocolade smeten naar mensen die erom kwamen smeken… Ik schaamde mij, maar herinnerde mij ook dat mijn moeder vertelde dat ze gelukkig waren met de chocolade die de Amerikaanse soldaten hen toewierpen op het einde van WO2. Ik wilde dat ze het op een andere wijze gaven…

Een tegenovergestelde ervaring was er toen we het vrouwenkonvooi uitpakten en de make-up voor blij geroep zorgde. We konden hen echt geen groter plezier doen ! “Zolang we ons kunnen mooi maken, behouden we onze waardigheid” zeiden de vrouwen.

Als ik ooit twijfelde of in vraag stelde of make-up wel thuishoort bij oorlogshulp, ben ik er nu echt van overtuigd dat het echt bovenaan die lijst staat.
top

Moslim cultuur en multicultureel samenleven

Verschillende keren vroeg men ons wat vind je van ons ? Of de mannen vroegen wat we van de vrouwen van Tuzla vonden. In het begin verstonden we hun vraag niet. Maar dan vervolgden ze :”zien we er niet Europees uit ? We zijn geen moslims zoals in Iran of Saoudie Arabië… We zijn moderne vrouwen, geen gesluierde vrouwen en dat willen we ook niet zijn…”.

Mijn gastgezin is moslim. We hebben hierover met hen een uitgebreide babbel gehad. “We zijn Muzelmans, moslims” zeggen ze “van cultuur, van afkomst. Maar velen van ons praktiseren niet. Het is onjuist dat het Westen moslims altijd met een sluier voorstelt. Op de aankondiging affiche voor een vergadering in Zweden stond een foto van een gesluierde vrouw. Het maakt ons zo woest. We zijn tegen fundamentalisme, ook tegen moslim fundamentalisme. Voor ons betekent onze moslimcultuur dat we openstaan en tolerant zijn, dat we multicultureel en multi-etnisch willen blijven samenleven…”.

In het straatbeeld van Tuzla zie je zeer weinig vrouwen met een hoofddoek. Een gesluierde vrouw heb ik helemaal niet gezien. Maar de dingen veranderen, zeggen de vrouwen van mijn gastfamilie. De bevolking van Tuzla is door de komst van de vluchtelingen praktisch verdubbeld, en er ontstaan verschillen tussen de mensen van Tuzla en de vluchtelingen. Die vluchtelingen hebben zoveel meegemaakt, zijn alles kwijt, wonen nu bijeengepakt… en die vrouwen beginnen met een hoofddoek rond te lopen. Ze worden eigenlijk gedreven naar dat fundamentalisme. “Jullie in het Westen moeten ons steunen, al was het maar uit zelfverdediging” vertelde men mij. “Want als hier, na zoveel eeuwen, het multiculturele samenleven vernietigd wordt, ziet het er slecht uit voor de wereld. Het nationalisme zal overal groter worden”.

Ex-Joegoslavië bestaat niet alleen uit nationalistische groepen, er zijn ook de multiculturelen… Is het niet schijnheilig in het Westen met woorden op te komen voor dat multiculturele, maar die multiculturele mensen niet toe te laten zich te verdedigen, zelfs niet met hen te willen praten ?
top

Werkbezoek aan het Universitair Ziekenhuis van Tuzla

Mijn bezoek aan het universitair ziekenhuis van Tuzla bracht me helemaal van mijn stuk. Ik wou der meer duidelijkheid krijgen over de vraag van de Women Association of Tuzla omtrent het verkrijgen van een mammografietoestel

In het kanton Tuzla wonen 1.000.000 mensen. Het is een streek met zware industrie, een gebied waar veel kanker voor komt. Het universitair ziekenhuis, met zijn 1.800 bedden en 2.500 personeelsleden is een groot complex, verspreid over verschillende gebouwen (een beetje zoals het universitair ziekenhuis van Leuven waar ik werk). Alle disciplines van een modern ziekenhuis zijn er aanwezig : chirurgie, orthopedie, oncologie, radiologie, hematologie, interne, neurologie, psychiatrie… Er is ook een polykliniek.

Een spoedgevallendienst bestaat nog niet. Men was aan de bouw hiervan begonnen maar de afwerking zal moeten wachten tot het oorlogsgeweld ophoudt.

Van het buitenzicht heb ik geen foto’s kunnen nemen omdat dit een oorlogsdoel is. Overal is granaatinslag te zien. De vensters zijn weg en vervangen door plastic. “Nu is het allemaal dicht” zeiden Dina en Suada. “Vorig jaar was de ergste winter uit de geschiedenis en waren alle vensters kapot geschoten”.

Dr. Filipovic leidt ons rond op de dienst orthopedie – traumatologie. Hij vertelt dat hij nu 2,5 jaar aan het werken is zonder één dag vakantie. Hij heeft 2.500 zware operaties achter de rug, de kleine ingrepen worden niet meer geteld. Er zijn nog 15 chirurgen actief die beschikken over 3 operatiezalen. 90 à 95 % van de patiënten op deze afdeling zijn oorlogsslachtoffers. Onder hen zowel soldaten, burgerbevolking als vluchtelingen. Vooral mannen, maar ook vrouwen en kinderen.

Ook in het ziekenhuis is water slechts een beperkte tijd beschikbaar, en om de andere dag elektriciteit. Er zijn wel noodgeneratoren, maar deze worden enkel ingesteld voor de echt dringende zaken zoals operaties of patiënten in intensieve zorg…

Het is mij echt een raadsel hoe deze mensen in deze omstandigheden kunnen blijven werken. Ik heb ontzag en bewondering voor hen, vraag me tegelijkertijd af hoe lang ze dat nog kunnen volhouden.

In verband met het mammografietoestel :

Van Italië hadden ze een mammografietoestel gekregen, MAAR het was kapot, en zo oud dat er geen vervangstukken meer voor te krijgen zijn. “Toch hebben we een mammografietoestel broodnodig” legt de directeur uit. Voor de oorlog uitbrak hadden we het op onze prioriteitslijst gezet, maar door de oorlog hebben we geen geld meer.

De mammografie zou zowel voor preventie, diagnose als voor het behandelen van kankers in een vroeg stadium, zeer belangrijk zijn. Dr. Suada Kapidzic vertelt dat drie maanden geleden een gezwel vastgesteld werd in haar borst. Omdat Tuzla geen mammografie had, is zij naar Llublijana gegaan. Gelukkig voor haar was de diagnose negatief. “Maar” zegt ze “indien het kanker was, zou een behandeling in Llublijana me 20.000 DM gekost hebben. Dat is voor de meeste vrouwen niet te betalen. Met een mammografie zouden we sneller kunnen vaststellen en ingrijpen”. De uitleg van de directeur en het verhaal van Dr. Kapidzic sluiten zeer nauw aan bij de vragen en wensen van de Vrouwen organisaties. De ontgoocheling bij de vrouwen over het feit dat het Italiaanse mammografietoestel niet werkt en wij er in ons konvooi er geen nieuw mee hadden, was zeer groot. Kanker was voor de oorlog blijkbaar de meest voorkomende doodsoorzaak. Maar nu, in oorlogstijd, aan kanker doodgaan… dat is er nu net teveel aan. Dat versta ik uit hun verhalen, uit het verhaal van de dokters. Ik hoop dan ook echt dat we daaraan iets kunnen doen. Onze vriendinnen uit Oostenrijk en Griekenland willen hier rond mee zoeken en actie voeren. Samen moet het ons lukken.

Ik ben zo kwaad op deze “eigen volk eerst” oorlog.

top

terug naar "haar verslag"

 
top    
     
webdesign & foto's: Lieve Snellings last updated: 12 juni 2005
© 2005 Vrouwen in 't Zwart Leuven